Dit is ons land niet

Het gonsde door de school. Het nieuws dat pantserwagens door de straten van Capelle in de richting van het kamp denderden. Kamp IJsseloord werd in de ochtend van 15 oktober 1970 met veel machtsvertoon door politie en marechaussee ontzet. Bij ons, de Molukse leerlingen heerste onrust en bezorgdheid over onze moeders en de jongste kinderen die nog thuis waren. We reageerden verontwaardigd, “Durven ze wel, die schoften. Een inval plegen terwijl de vaders aan het werk zijn!”

Toen ik thuis aankwam, was het huis vol met agenten. Alles was overhoop gehaald en mijn moeder probeerde de puinhoop op te ruimen. Tegelijkertijd zorgde ze voor m’n jongste zusje van twee jaar en mijn zieke vader. Uitgerekend die dag lag mijn vader ziek op bed en moest hij toezien dat agenten alle spullen doorzochten. Mijn jongere broer was tot mijn verbazing ook thuis. Hij zat op de bank en was volkomen van slag. Hij weigerde aan tafel te zitten, waar de agenten hun boterhammen aten. Hij was ook overstuur, omdat hij had gehoord, dat een agent ons zusje uit haar bedje had getild om het op verboden wapentuig te fouilleren. Tot overmaat van ramp werd er ook nog een pistool in onze voortuin gevonden. De buurjongen had het uit het raam gegooid, toen de politie aan zijn deur stond. Na de vondst pakte de rechercheur de breinaaldenkoker, die we onze moeder als moederdaggeschenk cadeau hadden gegeven, en terwijl hij de koker heen en weer schudde, sprak hij mijn moeder dreigend toe, “En, wat zit hierin …. kogels?” M’n moeder reageerde kalm en zei, “Wat denkt u zelf, meneer?” Later vertelde m’n broer dat hij in de middagpauze de toezicht op de lagere school ontglipt was. Hij was die ochtend op de fiets naar school gegaan en moest wel naar huis om te eten. Tegelijkertijd was hij nieuwsgierig naar wat er gebeurde in het kamp. Nog steeds vertelt hij verontwaardigd, dat hij als tienjarig jongetje heeft moeten toestaan dat hij onderweg vele malen gefouilleerd werd.

Tijdens de razzia in Capelle werden de mannen opgepakt, die het brein waren achter de bezetting in Wassenaar. Deze gebeurtenis luidde het begin van een moeilijke tijd in. Een tijd van onrust en spanningen. Niet alleen in het kamp, maar ook ver daarbuiten. Nederland werd in de jaren die daarop volgden, geconfronteerd met kapingen en bezettingen. Wij, als Molukkers, werden op een negatieve wijze uit de vergetelheid getrokken. Als kind kregen we van onze vader vaak als boodschap mee, dat we ons koest moesten houden, want het land waar we geboren waren, was niet ons land. We moesten ervoor hoeden, dat we dit land weer ongewenst zouden moeten verlaten. Dat gevoel, dat we hier niet welkom waren, werd door de gebeurtenissen versterkt.

Terwijl m’n vader zich nog enige tijd vasthield aan het idee van tijdelijkheid, moesten we toch verder met ons leven. Niet lang na de razzia vertrokken we uit het kamp. We ontvluchtten de spanningen en de onrust. Onwetend, dat een leven buiten de invloedssfeer van het kamp net zo moeilijk zou zijn. Hoe moest je verder in het land, dat niet je echte land was?

“……. De dood van RMS-president mr.dr. Chr. Soumokil, die 12 april 1966 op bevel van de Indonesische president Suharto op het eiland Obi wordt geëxecuteerd, brengt een grote schok teweeg binnen de Ambonese gemeenschap. Ook in IJsseloord wordt heftig gereageerd. Het zijn vooral de jongeren die vanaf dat moment nadrukkelijk aandacht vragen voor de zaak van de RMS door middel van acties en demonstraties …. De eerste grote actie is de bezetting van de woning van de Indonesische ambassadeur in Wassenaar op 31 augustus 1970 en gericht tegen het bezoek van de Indonesische president Suharto aan Nederland, de man achter de executie van Soumokil. De bezetters eisen onder andere een gesprek tussen Suharto en Manusama. De actie, waarbij een agent om het leven komt, is in het geheim in IJsseloord voorbereid. Acht van de 32 bezetters komen uit Capelle. Na Wassenaar vindt op 15 oktober 1970 in IJsseloord een grote inval en zoekactie naar wapens plaats door een grote legermacht van politie en marechaussee, die het woonoord volledig omsingelen en daarbij gebruik maakt van rupsvoertuigen, een helikopter, een schip van de Marine op de IJssel en veel zwaar bewapend personeel. Ook de pers is ruim vertegenwoordigd. De inval in IJsseloord is wereldnieuws. De zoekactie, waarbij alle gebouwen worden doorzocht en zelfs kinderen gefouilleerd, levert slechts enkele kapmessen op en een oud pistool. Voor de bewoners is de actie een dieptepunt in de ruim 14 jaar oude geschiedenis van IJsseloord. De politie wordt vanaf die tijd door velen gehaat en kan zich in het woonoord niet meer vertonen …..” Uit: HVC Nieuwsbrief 2006, http://www.hvc-capelle.nl/download/studie/Studie/Nieuwsbrief%202006-04.pdf

5 Comments

  1. Dit jaar 43 jaar geleden, maar alles staat nog duideljk op mijn netvlies. Magda, bij het lezen van jouw verhaal passeert alles weer de revue. Boosheid, emoties, verdriet…..

  2. ‘k Kan mij deze razzia in IJsseloord nog goed herinneren, was thuis ziek, en ging die dag niet naar school. Mijn moeder was net van plan de was buiten te hangen, toen we onze buurvrouw – mijn mama ani, tante Tien Latuny – hoorden schreeuwen. We keken naar buiten, en zagen dat de marechaussee al voor haar hek stond en weer andere voorbij liepen om bij om bij de volgende voordeur post te vatten en binnen te gaan. Oom Nani Kaihatu riep door een megafoon dat we allemaal naar binnen moesten. We mochten niets doen dan alleen zitten en kijken hoe rechercheurs ons huis doorzochten naar wapens. Wij werden ook gefouilleerd. Terwijl ik gefouilleerd werd viel de revolver uit de holster van de rechercheur. Ook kreeg ik een karabijn op mij gericht toen ik wat leesvoer uit mijn slaapkamer wilde pakken. Toen ze klaar waren en het kamp weer verlieten, liepen we naar buiten, en konden nog net zien hoe het kamp was omsingeld. De dijk en de weilanden rondom het kamp zag zwart van de marechaussee. ‘Het is nu oorlog!’, hoor ik een oom nog schreeuwen.

  3. Goed dat je dit schrijft, maar triest om te lezen. Ik hoop dat de huidige generatie Molukse jongelui deze geschiedenis een plaats in hun leven kunnen geven. Vooral hoop ik dat ze een gezond en gelukkig onderdeel van de Nederlandse (multiculturele) samenleving kunnen zijn. De Molukse mensen van eertijds zijn beschadigd en dat is helaas niet ongedaan te maken. Je hebt gelijk, om te denken aan de kinderen, maar ook volwassenen die nu in oorlogsgeweld leven en getraumatiseerd het leven door moeten gaan. Was geweld in de wereld maar te stoppen….

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s