In memoriam

Toen papa in 2014 voor het laatst afscheid nam van tante Pina, zijn jeugdvriendin, zei hij tegen haar: “Se untung, bet tinggal sengsara.” (“Jij hebt geluk. Ik blijf hier in de ellende achter.”)

Ik vond het triest om te horen, dat pa de laatste jaren van zijn leven als een zware beproeving heeft ervaren: ouderdom die gepaard gaat met lichamelijke gebreken; het verdriet om het verlies van onze moeder; leeftijdsgenoten die er niet meer zijn.

Ook al had pa zijn kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen, dat verdreef het gevoel van alleen zijn niet. Als we op bezoek waren, zei hij al snel: “Pi pulang sudah, su laat, musti pi djauh tu.” (“Ga maar naar huis, het is al laat, je moet nog ver rijden.”)

Dat was pa. Ga naar je kinderen, je gezin, daar ligt je verantwoordelijkheid.

In de jaren na het overlijden van mama in 2008, kon pa zich eerst goed redden. Hij had van mama leren koken en bakken en zijn cake en bami waren vooral voor de kleinkinderen een heerlijke traktatie. De kleinkinderen hoefden het maar te vragen en opa stond weer in de keuken. Hij legde ons, de dochters, telkens weer uit, dat het een kwestie is van ….  véél eieren en goed mixen.

Toen het slechter ging met zijn gezondheid, belandde pa regelmatig in het ziekenhuis of in een verpleeghuis om op te knappen. Pa verzette zich daartegen, wou het liefst naar huis en liep regelmatig weg. Hij stond inmiddels bekend als ‘vluchtgevaarlijk’. Pa dreef ons soms tot wanhoop.

De afgelopen twee jaar woonde hij in verzorgingshuis Tiendhove in Krimpen aan den IJssel. Daar wilde hij wel zijn. Er werd Maleis gesproken, vrijwilligers uit de Molukse wijk in Krimpen kookten voor de bewoners en pa kwam daar oude bekenden tegen. En daar werd het uiteindelijk zijn laatste plek. Pa overleed op vrijdag 8 september om kwart voor 7 in de ochtend. Er kwam een eind aan een leven, dat 93 jaren duurde.

Een leven dat in 1923 begon op Boeton, een eiland in Zuid-Oost Celebes. Zijn vader was daar als militair met zijn gezin gestationeerd. Echter, toen zijn moeder weduwe werd, keerde ze terug naar Ihamahu op Saparua en heeft ze twee van haar kinderen afgestaan. De jongste werd geadopteerd door familie Sanaky en pa ging bij familie Haulussy wonen. Pas later kreeg hij te horen dat zijn moeder ook op Ihamahu woonde. Het is natuurlijk bizar, wanneer iemand tegen je zegt: “Die vrouw daar, is je echte moeder.” Dat heeft hem veel verdriet gedaan. Papa had het zwaar, er was weinig liefde, en hij begreep maar niet waarom hij werd afgestaan. Daarom meldde hij zich bij het leger, terwijl hij nog veel te jong was om in dienst te gaan. Op Ihamahu trouwde pa ook op jonge leeftijd, maar hij moest al gauw afscheid nemen van zijn eerste vrouw. Zo gebeurde het, dat hij als weduwnaar naar Nederland kwam. Die uitdaging durfde hij wel aan.

Toen papa in Vlissingen woonde, kon hij daar niet goed aarden. Voor een vrijgezel was het leven te onrustig, ‘main top’ (gokken) was een aanslag op de portemonnee en voor het avondeten moest je er ook snel bij zijn om niet met een lege maag naar bed te gaan.

Toen hij hoorde, dat in Oostburg ook een woonoord was, hoopte papa kennissen en eventueel familie te ontmoeten. En inderdaad, onderweg naar het woonoord kwam hij hem plots tegen, oom Han: “Akora é”, riep mijn vader. Oom Han, die buiten de poort een sigaretje aan het roken was, antwoordde met verbazing, “Tuhang Allahé, Agus Balanda!” (“God allemachtig, Agus de Nederlander”). Veel oudere Molukkers werden bij hun bijnamen genoemd en het hoe en waarom zijn verhalen waar we geen genoeg van krijgen.

In Oostburg vond papa een beter onderkomen en daar ontmoette hij onze moeder. Ze trouwden op 19 oktober 1956 in Ridderkerk en in 1958 verhuisden ze met mij naar woonoord IJsseloord. Twaalf jaar hebben we daar gewoond, daarna volgden Schenkel en uiteindelijk Schollevaar. Pa en ma kozen niet voor de Molukse woonwijk Oostgaarde, ze kozen voor een leven tussen de Nederlanders.

Als ik terugkijk op de jaren waarin wij opgroeiden, is het voor onze ouders niet makkelijk geweest. Te moeten leven in een ander land met andere regels en tradities, was zwaar. Papa en mama waren beide niet opgegroeid met hun ouders, ze kregen niet veel mee en waren ook niet echt opgevoed met de adat, de tradities en gewoonten. Onze ouders waren eigenlijk zoekende, ook in onze opvoeding. En wij, de kinderen, moesten dan ook onze eigen weg en de juiste balans zien te vinden. Dat veroorzaakte veel strijd en veel verdriet. Vooral het plotselinge overlijden van hun tweede zoon was een dramatisch gebeuren in hun leven.

Toch stond pa achter onze keuzes, hoewel hij door de buitenwereld weleens aan het twijfelen werd gebracht. Hij wilde alleen maar, dat zijn kinderen zich hier thuis zouden voelen, een goede opleiding zouden krijgen, een baan, een gezin. Daarom moesten we van jongs af aan altijd al Nederlands spreken, want in Nederland lag onze toekomst. Teruggaan was voor pa ook geen optie, want hij wilde dicht bij z’n kinderen blijven.

Pa, je bent er niet meer. Door jou hebben we een geschiedenis meegekregen en het is aan ons om het door te geven. Ieder op onze eigen manier. We zullen je wel missen. Jouw verhalen over Ihamahu, jouw jeugd, het leven in de woonoorden, jouw manier van vertellen met jouw rim, die zangerige toon wat zo kenmerkend is voor Ihamahunezen. We moesten ook vaak om je lachen, om je rare acties. Wie haalt het in z’n hoofd om op z’n tachtigste uit het zolderraam te hangen om de ramen te zemen?

Als je me hier zou zien staan en zien spreken, zou je zeggen: “Bitjara apa tu? Sudah, brenti!” (“Wat sta je daar te oreren. Hou toch op!”) En die blik op je gezicht, onnavolgbaar!

“Pa, sudah, brenti, Mada su seng bitjara lai! (“Pa, het is klaar, ik, Mada, zal zwijgen!)

In memoriam Augustinus Cornelis Pattiiha

 

 

5 Comments

  1. Lieve Magda, wat heb jij het levensverhaal van jullie pa prachtig weergegeven.
    Heel veel sterkte met het verwerken van het verlies van jullie pa.
    Gezegend dat jullie pa zolang in jullie midden was.
    Koester de mooie herinneringen.

    Liefs,
    Leny

  2. Geweldig Magda. .maar ook in en intriest verhaal…wat een man was je vader..ik ken hem als een heel verstandige rustige man..integenstelling tot mijn vader die heel dominant was..Ja. .Zo hebben wij leuke en minder leuke herinneringen aan die generatie. .maar het heeft ons wel gevormd. .Daar ben ik hun ook heel dankbaar voor. .mooie ode aan je vader..het raakte me wel..veel sterkte nog en bedankt voor het delen..liefs George. .

  3. Wat een mooi en herkenbaar verhaal Magda. Eerlijk en met gevoel geschreven. Nooit geweten dat jullie nog een link hebben met Ridderkerk waar ik vandaan kom. Invoelbaar en mooi eerbetoon aan je ouders en ook aan onze eerste generatie!

  4. Prachtig verwoord, heel veel sterkte, hoop dat je ook veel fijne herinneringen hebt om dit verlies te verwerken.

  5. Requiescat In Pace “Old Soldier”

    Once he was a young man
    who laughed in the spring
    And lay beneath an upturned sky
    on long hot summer days

    But with autumn he grows mellow
    He looks over his shoulder
    Down the long year path of no return

    Already he is but a memory
    Fading like a shadow on the wall
    But time with restless footsteps
    hurries by and now beside the road
    There stands the pilgrim
    of the year to be

    ©Magna Carta – Seasons©

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s